De Gezondheidsraad bevestigde onlangs opnieuw dat wonen nabij geitenhouderijen gepaard gaat met een verhoogd risico op luchtwegaandoeningen. Voor de Provinciale Raad Gezondheid (PRG) laat dit geen ruimte voor uitstel of twijfel: de gezondheidsrisico’s moeten omlaag. Dat was aanleiding om de pers actief op te zoeken.
Het Brabants Dagblad publiceerde een artikel waarin zij spraken met Koos van der Velden, emeritus hoogleraar Public Health en raadslid van de PRG. In dit gesprek benadrukt hij opnieuw dat er inmiddels genoeg bewijs is dat mensen ziek worden als zij te dicht bij geitenhouderijen wonen of werken. De overheid moet daarom nu verantwoordelijkheid nemen en daadwerkelijk maatregelen treffen.
Van der Velden roept op om de aanpak van zoönosen en veedichtheid nú al aan de formatietafel te bespreken. In het artikel verwijst hij naar landen als Denemarken en Zwitserland, waar boeren financieel worden ondersteund om in te krimpen.
Parallel aan het krantenartikel is er een landelijk persbericht van de Provinciale Raad Gezondheid verstuurd naar landelijke nieuwsredacties. Daarin wordt nog eens bevestigd dat wonen in de nabijheid van geitenhouderijen samenhangt met een verhoogd risico op luchtwegaandoeningen, en dat er geen ruimte meer is voor uitstel: de gezondheidsrisico’s moeten omlaag.
De PRG benadrukt daarin ook het belang van samenwerken met de geitensector, starten met real time surveillance en het voorzorgsbeginsel: als er serieuze aanwijzingen zijn voor risico’s, moeten overheden kunnen handelen, ook als nog niet álle wetenschappelijke onzekerheden zijn weggenomen.
Opiniestuk in Brabants Dagblad
Om het artikel in Brabants Dagblad kracht bij te zetten, schreef de voorzitter van de PRG een opiniestuk dat eveneens geplaatst is in het Brabants Dagblad.
Aansluiting bij eerdere oproep
De boodschap sluit naadloos aan op de eerdere oproep om de monitoring van zoönosen te verbeteren, te beginnen in Brabant. In dat bericht riepen het Brabants Kennisnetwerk Zoönosen en de PRG al op tot een beter, integraler systeem van vroegsignalering.
Impact
In de vaste Kamercommissie is op 29 januari 2026 gesproken over de thema’s geitenhouderij en gezondheid. Over de ingediende moties heeft de Tweede Kamer op 4 februari 2026 gestemd. Deze moties zetten volksgezondheid nadrukkelijk vóór verdere uitbreiding van de intensieve geitenhouderij.
Met motie 29683/320 vraagt Kostić het kabinet om bij ruimtelijke keuzes woningbouw en gezondheid zwaarder te laten wegen dan de belangen van intensieve geitenhouderijen. Dit betekent dat overheden kritischer moeten kijken naar gezondheidsrisico’s bij vergunningverlening. In gebieden met een grote woningbouwopgave kan dit leiden tot beperkingen op uitbreiding van geitenhouderijen.
Motie 29683/321 van Grinwis en anderen vraagt het kabinet om initiatieven mogelijk te maken waarmee geitenhouderijen kunnen verplaatsen naar locaties verder van woonkernen of kwetsbare inwoners. Dat vraagt om praktische instrumenten, zoals financiële regelingen of gebiedsgerichte afspraken. Het effect is meer afstand tussen intensieve veehouderij en bebouwing, en daarmee minder gezondheidsrisico’s voor omwonenden.
Samen versterken deze moties de positie van volksgezondheid binnen het landbouw- en ruimtelijk beleid.
Lees hier het volledige interview in Brabants Dagblad.
Lees hier het persbericht.
Lees hier het opiniestuk.
