In de Tweede Kamer zijn meerdere moties aangenomen over zoönosen en volksgezondheid. Dat is een duidelijk signaal: versterk het volksgezondheidsbeleid, maak scherpere keuzes rond geitenhouderijen en zet steviger in op vroege signalering van infectieziekten.
De Provinciale Raad Gezondheid (PRG) is blij met deze richting. Het zijn dossiers waar de PRG vanuit haar aanjaagrol voor het Brabants Kennisnetwerk Zoönosen (BKZ), al langer aan werkt: agenderen, expertise delen, verbinden en versnellen.
Rond geitenhouderijen nam de PRG nadrukkelijk positie: door de pers op te zoeken dat er geen ruimte meer is voor uitstel: de gezondheidsrisico’s moeten omlaag. Daarnaast voorzagen experts uit de raad het provinciale bestuur van relevante context ter voorbereiding op gesprekken met Kamerleden.
Ook op surveillance zetten het BKZ en PRG stevig in. Sturen op gezondheid begint met betere monitoring. Real-time surveillance biedt Brabant de kans om koploper te zijn met een innovatief systeem dat infectieziektesignalen bij mens én dier vroegtijdig oppikt. Het provinciale bestuur heeft het urgente belang hiervan nadrukkelijk omarmd. Eerder klonk richting het Rijk al de expliciete oproep om Brabant tot pilotregio te maken; des te betekenisvoller dat de landelijke motie dit nu extra rugwind geeft.
De opgave is daarmee helder: van moties naar uitvoering. Met landelijke steun én Brabantse slagkracht.
